Breder blikveld en diepe kennis prikkelt visie op audit kwaliteit

Breukelen, 7 juni 2018 – Verschillende invalshoeken leveren uiteenlopende inzichten op over het Auditing vakgebied. Besef van elkaars blikveld en ieders rol in de keten van betrouwbare corporate reporting, het voeren van een gemeenschappelijke taal en open communicatie over de werkdisciplines binnen het Auditing vak, helpt de kwaliteit te stimuleren. De uitwisseling van kennis en kunde op de derde conferentie van de Foundation for Auditing Research (FAR), gehouden op 5 en 6 juni op het landgoed van Nyenrode Business Universiteit, gaf hier blijk van. Dit was één van de conclusies bij de afsluiting van de conferentie.

Onder de titel “Moving the Audit Profession Forward – New Research and Best Practices” deelden zo’n 130 professionals uit de praktijk en wetenschappers van universiteiten uit binnen- en buitenland kennis en inzichten over het auditing vak. 

Kwaliteitsdefinitie

Dr. Preeti Choudhary (University of Arizona, VS) stelde als een van de eerste sprekers de vraag over wiens kwaliteit de discussie moest worden gevoerd, in de zoektocht naar de factoren die auditing kwaliteit bepalen: over die van de gecontroleerde of die van de controleur? Choudhary gebruikte data die zij verkreeg via de Amerikaanse versie van de AFM: de PCAOB. Uit haar onderzoek bleek dat accountants weliswaar meer correcties krijgen doorgevoerd naarmate de internal controls van het bedrijf slechter worden, maar dat er (kleinere) fouten blijven zitten. Daarbij merkte ze op dat de accountant correcties op deze gemaakte fouten slechts doorgevoerd krijgt, naarmate de managers van het gecontroleerde bedrijf deze fouten ook als zodanig erkennen. In haar onderzoek laat ze zien dat voor grotere bedrijven vaak striktere eisen worden gesteld in termen van toegestane afwijking tussen gerapporteerde en werkelijke cijfers: de materialiteit. Zo gauw als dit minder het geval is, zien we meer en grotere fouten terug in de jaarrekeningen.

Lerend vermogen

In hun presentatie van de onderzoeksbevindingen over een lerende cultuur in auditing teams, pleitten Wim Gijselaers en Therese Grohnert van de Maastricht University voor een veilige omgeving met ruimte voor reflectie en feedback. De rol van de ‘grijze haren’ binnen de auditing teams blijkt van groot belang voor de auditing kwaliteit. De ervaring die auditors van 40 tot 60 jaar opbouwen, verhoogt de kans dat kennis wordt toegepast en dat procedures en regels daadwerkelijk worden gevolgd. Zij stelden tevens vast dat de inzet van ervaren controleleiders een significante impuls geeft aan de kwaliteit van de controle. Opvallend is ook dat ze vonden dat een gezond leerklimaat een positief effect heeft op het behoud van talent in auditing. 

Geen ‘silver bullet’

In de discussie rondom kwaliteit kwam in een paneldiscussie tussen wetenschappers en professionals ook het onlangs verschenen rapport van de Monitoring Commissie Accountancy (MCA) aan bod. In de discussie over de wetenschappelijk geïdentificeerde factoren die de kwaliteit van een audit bepalen, bleek dat de professionals nog geen eenduidig antwoord hebben. Of zoals een van de sprekers treffend verwoordde: er is geen ‘silver bullet’ om alle vraagstukken op te lossen. Er is nog veel onderzoek te doen. 

Rondom het thema Fraude opsporing bracht Mark Peecher van de University of Illinois nieuwe wetenschappelijke inzichten. Hij toonde aan dat meer ervaren accountants die luisteren naar zogenaamde ‘earnings calls’ door management op basis van de intonatie die managers inzetten tijdens deze calls in staat zijn fraudes vroegtijdig op het spoor te komen. Zelf kwalificeerde hij dit onderzoek als het resultaat van een nog nooit eerder vertoonde samenwerking tussen wetenschap en praktijk.

Bruggen bouwen met communicatie

Op voorwaarde dat wetenschap en praktijk hun best doen in een gemeenschappelijke taal met elkaar te spreken, kunnen beide veel voor elkaar betekenen. Het stelt de wetenschap in staat betere vragen te stellen en te beantwoorden. In de praktijk kan men zijn voordeel doen met de inzichten uit de wetenschap. We kunnen hierbij denken aan het belang van ervaring, wat tijdens de conferentie twee keer als kwaliteitsbepalende factor naar voren kwam. Steve Salterio van de Queens University, Canada constateerde het volgende: “Deze FAR conferentie is het beste voorbeeld van hoe de interactie zou moeten zijn tussen wetenschap en praktijk.”

Bert Albers van Deloitte sloot de conferentie af door te reflecteren op de discussies gedurende de conferentie. Op zijn vraag aan de aanwezige professionals of de FAR het vakgebied vooruithelpt, stak een ruime meerderheid zijn hand op. Albers gaf aan zelf als professional geïnspireerd te zijn en bevestigd te zijn in de keuze van de onderwerpen waar hij en zijn collega’s in de praktijk op dit moment aandacht aan besteden: “Het is belangrijk dat we deze prille relatie tussen wetenschap en praktijk bloeiend houden, omdat ik denk dat we daadwerkelijk stappen vooruit kunnen maken in ons vakgebied.”

Over de Foundation for Auditing Research

De Dutch Foundation for Auditing Research (FAR) is opgericht in 2015 vanuit de visie dat het audit vak onderhevig is aan ingrijpend veranderende verwachtingen en eisen. FAR richt zich op het verder ontwikkelen van kennis over audit en assurance kwaliteit en het duurzaam verbeteren van de audit praktijk door fundamenteel wetenschappelijk onderzoek, internationale samenwerking met andere onderzoeksinstituten en door het delen van onderzoeksresultaten via conferenties en masterclasses. FAR verbindt door samenwerking de auditing wetenschap en praktijk. Hiermee versterkt zij de leercurve van de auditing industrie en haar stakeholders, voedt zij accountancy educatie en ondersteunt zij de accountancy onderzoeksgemeenschap in Nederland en het buitenland. 

 
 
 

 
 
 

Share This